Roemenië

Roemenië

Roemenië is het grootste wijnland van Zuidoost-Europa. Dat het toch vrij onbekend is, heeft niet zo zeer te maken met het feit dat de Roemenen – een van origine Latijns volk – zelf grote wijndrinkers zijn, maar zo veel te meer met de communistische planeconomie tot 1990. Het land produceerde grote hoeveelheden zoete wijn voor broedervolkeren, met voorop de Sovjet Unie. Kwantiteit ging voor kwaliteit.
Toch genoot Roemenië ooit een grote reputatie voor een bijzondere zoete wijn, Cotnari. Deze werd na de Hongaarse Tokaji als de beste wijn van Zuidoost Europa beschouwd!

Veel variatie

In beginsel beschikt Roemenië over een groots potentieel. Wijnbouw wordt er sinds mensenheugenis bedreven in vrijwel alle delen van het land, met uitzondering van de Karpaten. Door die verspreiding is er sprake van een grote variatie aan natuurlijke omstandigheden, druivenrassen en wijnen.

Roemenië heeft een overwegend continentaal klimaat met grote temperatuurverschillen tussen hete zomers en koude winters, maar zonder al te extreme uitschieters. Alleen de kuststreek Dobrudzja profiteert van de matigende invloed van de Zwarte Zee.

Enkele belangrijke Roemeense gebieden zijn:
Transsylvania – centraal gebied met als voornaamste district Tîrnave. Hoog gelegen wijngaarden op steile hellingen produceren bijna uitsluitend witte wijn met goede zuren.
Moldavia – van oudsher gereputeerde streek, grenzend aan de voormalige Sovjetrepubliek Moldova. Beroemd was ooit de zoete Cotnari. Moldavia produceert zowel witte als rode wijnen. Centrum van de streek is Odobesti.
Muntenia – ten noorden van Boekarest met als bekendste district Dealul Mare. Rood voert hier de boventoon.
Dobrudzja – kustvlakte aan de Zwarte Zee met als belangrijkste wijnbouwdistrict Murfatlar. Het is gespecialiseerd in de productie van laat geoogste zoete wijnen.

Ongewone namen

De Roemeense aanplant omvat internationale, Oost-Europese en enkele inheemse druiven. Van de mondiale rassen is cabernet sauvignon op zo grote schaal aangeplant dat Roemenië er ruim tweemaal meer van heeft dan buurland Bulgarije. Merlot is zelfs nog ruimer verspreid. Chardonnay is maar in bescheiden mate aangeplant. Sterk in opkomst daarentegen is de pinot noir.
Enkele typisch Roemeense witte druiven, waarvan sommigen heel opvallende namen hebben, zijn o.a. graša (de ‘vette’), die hoge suikerwaarden kan bereiken), tamaioša româneasca (zeer aromatische soort voor zoete wijnen), galbena (geeft frisse wijnen), feteašca alba(‘meisjesdruif’, geeft zachte, aromatische wijn) en feteašca regala (meest aangeplante druif van Roemenië, kruising van feteašca alba x graša). Voor rood: feteašca neagra (stevige wijn) enbabeašca neagra (‘grootmoederdruif’, voor lichte, fruitige wijn).